The Last of Us

Ik ga niet graag naar feestjes. Er is altijd teveel lawaai, er zijn mensen aanwezig die je eigenlijk niet moet maar waar je toch smalltalk tegen produceert. De persoonlijke verwachtingen zijn altijd hoog gespannen en worden zelden ingelost. Daarom heb ik een techniek ontwikkeld die mij zelden teleurstelt. Ik arriveer gewoon als 1 van de laatste op het feestje. Ik heb alle genante (dronken) momenten gemist, alle heftige discussies zijn uitgeklaard en ik kan met een uitgestreken gezicht zeggen dat ik het “druk druk druk” heb. Begrijp me niet verkeerd, ik heb niets tegen het sociaal contact maar iedereen tevreden houden is een onmogelijke taak. 

Zo is het ook met games. Ik kan mij de weinige keren herinneren dat ik op launchdate een game kocht, naar huis reed en vol ongeduld de disc in het toestel stak. En als ik dan toch enthousiast te krijgen was (ik kijk naar jou Spore), dan boorde de teleurstelling mij netjes in de grond. Ik kijk daarom met de (nodige) sceptische blik naar de gamewereld en besluit dat het opgeklopte, het luchtledige niets voor mij is. En toch.

Toch is er de liefde voor het videospel. Ik wil mij kunnen verdiepen in een virtuele wereld, een verhaal dat mij nauw aan het hart komt te liggen naarmate ik vorder. Iets waar ik oprecht van kan zeggen “hoe kan het dat ik dit zolang heb moeten missen?”. Het equivalent van die ene persoon tegen te komen op het feestje, als het al afgelopen is en je die persoon mee scharrelt naar je huis. De komende weken wil ik gaan uitzoeken welke games ik zo heb gemist. Omdat ik altijd later naar het feestje ga.

The last of us

Sinds we het begrip van de zombie (oftewel: levende dode) hebben omarmd, worden we er met bepaalde periodes mee overspoeld. Ze duiken op in series (The walking dead), films (Shaun of the dead, Zombieland), games (de zombiemaps van Call of Duty) en tot zelfs in bordspellen toe. Ik hou zelf op tijd en stond van een goede portie horror en suspense maar het is soms teveel voor Corneel. En dan koopt ondergetekende zich een Playstation 4. Zonder een idee te hebben van wat er allemaal op is uitgekomen. Als een leek vraagt ik dan welke games ik zeker moet gespeeld hebben en al vrij snel komt deze titel met stip op nummer 1 bovendrijven. Wel, als ze de moeite doen om een geremasterde versie opnieuw uit te brengen, dan moet ik de moeite doen om deze uit te proberen. Toch?

What makes life worth living?

Ik geef het toe: ik zou het geen dag uithouden in een apocalyptische wereld. Noem mij gerust een comfortbeestje maar een bed slaapt altijd beter dan een matras in een tent op een verzopen festivalweide. Daarom slaat ook de paniek toe als na een kwartier spelen, de pleuris uitbreekt en alles in chaos vervalt. En als je dan in de auto stapt met een vluchtplan weet je dat het enkel maar fout kan aflopen. Een car crash later bevinden we ons ook ineens twintig jaar later.  Ons hoofdpersonage (Joel) moet een meisje van 14 (Ellie) escorteren naar een veilige plek. Het hoe en waarom laat ik jullie zelf ontdekken. Geen spoilers? Zelfs niet voor een game die ondertussen ook weer 5 jaar oud is? Neen. Zelfs dan nog niet.

Wat ik wel kan beschrijven is de sfeer. Mijn god, wat is dit een mooie game zeg. De verloedering van de maatschappij is na deze twintig jaar enorm hard te zien. Auto’s die stilstaan, bruggen die instorten onder het gewicht maar vooral de natuur die genadeloos terug slaat en de dingen terug overneemt. Toegegeven, ik miste wel de vrijheid van een open wereld om in te kunnen rondstruinen en te kunnen bekijken langs verschillende kanten. De karakters zelf zien er belachelijk levensecht uit. Het zijn die kleine dingen die maken dat je écht geloofd in deze wereld aanwezig te zijn. De dynamiek tussen Joel (stoïcijns en dood van binnen) en Ellie (niet op haar mondje gevallen zonder écht bitchy te zijn) is van een niveau dat ik niet eerder ben tegen gekomen.

Endure and survive

Het spelsysteem zelf dan. In deze wereld moeten we zien te overleven. Niet alleen zijn de zombies (sorry, infected) hier de baas maar moeten we het ook zien te redden tussen de verschillende menselijke groepen en hun persoonlijke agenda’s. We hebben de Fireflies, de hunters en wat er overblijft van het leger die hier de plak proberen te zwaaien. Kogels zijn schaars dus we zijn aangewezen op het betere stealthwerk. Gelukkig kunnen we rekenen op de vuisten en random knuppels, bakstenen en balken als het toch dreigt mis te lopen. En jeetje, het loopt al eens regelmatig mis bij mij. Het geduld dat ik opbreng om voetje voor voetje de ene na de andere persoon te wurgen (realistisch hoe het slachtoffer naar achter klauwt trouwens) staat en valt bij elke mislukte poging, die zich dan onmiddellijk wreekt in chaos en onverbiddelijk de doodsteek betekent.

En dan hebben we de Clickers. Alsof visuele stealth nog niet genoeg was, reageren deze vergevorderde infected op geluid. Ze horen je zelfs als je iets te snel sluipt. Wat enigszins de moeilijkheidsgraad nog maar eens verhoogd. Het geluid dat ze maken is een kruising tussen de fauna van Oddworld en jankende honden. Een rare vergelijking maar speel gerust die games nog eens en dan snap je wel wat ik bedoel. Als deze je te pakken krijgen is het trouwens onverbiddelijk game over en mag je opnieuw beginnen. Om nog maar te zwijgen over de latere vijanden, die je hooikoorts de hoogte in zullen jagen.

It doesn’t matter how much you push the envelope, it’ll still be stationery.

Ik heb deze game opgepikt omdat iedereen er maar over bleef zaniken. En deels ben ik blij omdat het toch gedaan heb maar de kniesoor in mij struikelt toch over een aantal zaken. Ook al gaat het hier om een “open wereld”, toch voel ik mij enigszins opgesloten tussen de verlaten en afgeblakerde gebouwen. Het besturingsysteem doet mij trouwens ook iets te hard denken aan de uncharted reeks. Spellen waar ik met veel enthousiasme aan begin maar algauw plaats maken voor repetitieve gameplay. Ga ik full guns blazing door het stuk of probeer ik zo stealthy mogelijk iedereen het hoekje om te leiden? Wegens beperkte ammunitie ben ik genoodzaakt zoveel mogelijk stealthy te gaan dus ben ik iedere keer langer over hetzelfde stukje aan het doen. En toegegeven, de stukjes informatie die je dan krijgt om het verhaal op dreef te houden zijn te weinig naar mijn smaak.

Dus ja, ik blijf hier nog wel eventjes op het feestje. En ik ben enigszins blij dat ik gekomen ben. Maar of het een memorabel feestje was… Nou neen, niet voor mij. Misschien moet ik nog eens een pintje opentrekken en wat gaan keuvelen met die vrouw wiens hoofd op een ontplofte bloemkool lijkt. Wens me succes!

Dennis
Mandasperger is een eigenwijze levensgenieter die maar al te graag zijn mening laat weergalmen over het wereldwijde web. Gamen is een passie, net zoals schrijven. Een goed boek kan er ook altijd in, maar nogmaals, laat er passie zijn!

Laat een reactie achter

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Lost Password